Verschil tussen mitose en meiose

Mitose Meiose
De mitose vindt plaats in alle lichaamscellen. De meiose vindt plaats in de geslachtscellen.
De dochtercellen zijn na de mitose identiek aan de moedercel De dochtercellen zijn niet identiek aan de moedercel
Een moedercel kan haploïd (= 1n) of diploïd (= 2n) zijn.

In de biologie geven wij met 'n' aan hoeveel verschillende chromosomen er in de cel aanwezig zijn. Bij 2n zijn er dus twee van iedere chromosoom.
Een moedercel kan alleen diploïd (= 2n) zijn.
Het aantal chromosomen per kern blijft gehandhaafd na de deling.
Bij haploïd (= 1n) blijft het 1n.
Bij diploïd (= 2n) blijft het 2n.
De cellen na de meiose zijn haploïd(= 1n).
Tijdens de mitose kan er geen uitwisseling plaatsvinden van DNA tussen de chromosomen. Tijdens de meiose vindt er uitwisseling van DNA plaats door middel van crossing-over.
Tijdens de mitose worden de centromeren in de anafase gesplitst. Tijdens de meiose worden de centromeren pas in de anafase 2 gesplits.
De nieuwe cellen zijn voor groei, herstel (regeneratie) of ongeslachtelijke voortplanting. De nieuwe cellen kunnen alleen gebruikt worden voor geslachtelijke voortplanting.


Verschuif in de onderstaande oefeningen de blauwe vlakken in de diagrammen zo dat het aantal n per fase klopt en de hoeveelheid DNA per fase in de kern. Bekijk eventueel hiervoor ook de animatie over de mitose en de meiose.







© 2006- 2017 BioDesk.nl  -  All Rights Reserved  -  Disclaimer  -  download Flash externe link  -  Opmerking/vraag over deze pagina?